Menu
OLLI-Schachtwarn

Dichtheidsbeproeving van rioleringssystemen: methoden, normen en meettechniek

Zo controleert u aansluitleidingen, riolen en putten veilig en volgens de norm.

Hoe kunnen afvalwaterleidingen, riolen en putten veilig, efficiënt en volgens de geldende Nederlandse normen worden beproefd? Lees welke mogelijkheden druk- en dichtheidsproeven volgens NEN-EN 1610 bieden en hoe peilmetingen, vrijmetingen en digitale documentatie praktisch in het werkproces kunnen worden geïntegreerd. Voor drukbeproevingen van waterleidingen kan daarnaast NEN-EN 805 van toepassing zijn.

Uitdagingen in de afvalwatertechniek

Druk- en dichtheidsproeven betrouwbaar uitvoeren

Voor de inbedrijfstelling en tijdens het gebruik moeten afvalwaterleidingen, riolen en putten regelmatig op dichtheid worden gecontroleerd. Afhankelijk van het type object worden verschillende beproevingsmethoden toegepast. Tegelijkertijd moet vóór het betreden van een put worden vastgesteld dat er geen gezondheidsgevaarlijke of explosieve gassen aanwezig zijn. Moderne meettechniek ondersteunt bij het uitvoeren van beproevingen volgens de geldende normen, het waarborgen van de arbeidsveiligheid en het digitaal documenteren van de resultaten.

Praktijkvoorbeelden en toepassingsgebieden

Met moderne beproevingstechniek veilige afvalwatersystemen waarborgen

 Bij de ontwikkeling van onze technologieën sluiten we altijd aan op de praktijk van onze klanten. Die praktijkervaring komt ook terug in onze toepassingsrapporten. Lees nu meer!

Veilig vrijmeten bij het betreden van putten

Inspector usando OLLI para la detección de gases en espacios confinados

In het kader van onderhoud en reparatie van drinkwater-, afvalwater- en stadsverwarmingsnetten en van afscheiderinstallaties behoort het betreden van putten tot de werkzaamheden van vakmensen. Omdat werkzaamheden aan en in putten verschillende risico’s met zich meebrengen, moet met een aantal aspecten rekening worden gehouden. Afhankelijk van de ligging van de put moet eerst de plaatselijke verkeerssituatie worden beoordeeld en moeten zo nodig maatregelen worden genomen om het verkeer om te leiden.

De meest voorkomende gevaren bij werkzaamheden in een put zijn blootstelling aan gevaarlijke stoffen en valgevaar. Onder gevaarlijke stoffen vallen onder andere vaste stoffen, vloeistoffen, dampen en gassen die in schadelijke hoeveelheden of concentraties aanwezig kunnen zijn. Dit geldt overigens ook voor werkzaamheden in tanks, silo’s en andere besloten ruimten.

Ter bescherming tegen vallen wordt doorgaans een driepoot met valbeveiliging en reddingsfunctie boven de put geplaatst. De persoon die in de put werkt, wordt hieraan bevestigd met behulp van een veiligheidsharnas en lijnen. In dit artikel gaan we specifiek in op de risico’s van gevaarlijke gasconcentraties en zuurstoftekort. Daarnaast beschrijven we hoe het vrijmeten kan worden uitgevoerd met onze gasdetector OLLI.

Wat is vrijmeten?

Vrijmeten betekent het bepalen van mogelijke concentraties gevaarlijke stoffen en het zuurstofgehalte vóór en tijdens werkzaamheden in besloten ruimten. Het doel is vast te stellen of de atmosfeer veilig genoeg is om de ruimte te betreden en er werkzaamheden uit te voeren. Binnen de Nederlandse regelgeving vallen deze risico’s onder het Arbobesluit, waarbij onder andere eisen worden gesteld aan het voorkomen van gevaar door zuurstoftekort, gevaarlijke stoffen en explosieve atmosferen.

Voor de selectie, het gebruik en het onderhoud van gasdetectieapparatuur voor brandbare gassen en zuurstof kan NEN-EN-IEC 60079-29-2 als relevante Nederlandse norm worden toegepast.

Bij het vrijmeten wordt doorgaans onderscheid gemaakt tussen:

  • Ex: gevaar door brandbare en explosieve gassen
  • Ox: gevaar door een te laag of te hoog zuurstofgehalte
  • Tox: gevaar door giftige gassen

Bij werkzaamheden in en rond putten behoren naast zuurstoftekort (O₂) ook methaan (CH₄), kooldioxide (CO₂) en waterstofsulfide (H₂S) tot de meest voorkomende gevaren. Soms wordt ook koolmonoxide (CO) gemeten, omdat dit bijvoorbeeld door onvolledige verbranding van brandstoffen in het wegverkeer kan ontstaan.

Stap voor stap in de praktijk

Stap 1: Controleer of de gasdetector gebruiksklaar is

Voor iedere vrijmeting moet worden gecontroleerd of de gasdetector correct functioneert. Daarbij horen onder andere een visuele controle op beschadigingen en een functietest met geschikt testgas. Voor het veilig gebruik en onderhoud van gasdetectieapparatuur voor brandbare gassen en zuurstof kan in Nederland NEN-EN-IEC 60079-29-2 worden toegepast. Voor detectoren voor toxische gassen is onder andere NEN-EN-IEC 62990-1 relevant.

Bij de OLLI kan deze functietest, ook wel bump test genoemd, rechtstreeks via het hoofdmenu worden gestart. Daarbij wordt tevens gecontroleerd of de geïntegreerde pomp correct functioneert.

Naast de dagelijkse functietest moet de gasdetector periodiek aan een uitgebreidere functiecontrole worden onderworpen. Hierbij worden onder andere de behuizing, sensoren en meetfunctie gecontroleerd en worden de sensoren indien nodig gekalibreerd en gejusteerd. Voor detectoren van brandbare gassen en zuurstof is in Nederland NEN-EN-IEC 60079-29-2 van toepassing op onder meer het gebruik en onderhoud van gasdetectieapparatuur.

Bij de OLLI kan dit rechtstreeks via het menu ‘Kalibratie/justering’ worden uitgevoerd. Het is belangrijk om uitgevoerde functietests, kalibraties en controles vast te leggen. Met Esders Connect kunnen deze controles digitaal en papierloos worden geregistreerd en beheerd.

Pas nadat de functietest en visuele controle succesvol zijn uitgevoerd, kan de vrijmeting plaatsvinden. Dit gebeurt altijd vóór het betreden van de put. Op de OLLI wordt hiervoor de toepassing ‘Bewaking arbeidsruimte’ geselecteerd. Het apparaat wordt in schone omgevingslucht ingeschakeld en is na de opstarttijd van de sensoren gereed voor gebruik. Vervolgens kan de meting worden uitgevoerd, bijvoorbeeld met een aangesloten vlottersonde.

Tijdens de meting worden alle meetwaarden op het display weergegeven. Als één of meer meetwaarden de ingestelde grenswaarden overschrijden, geeft het apparaat een optisch en akoestisch alarm. In dat geval mag de put niet worden betreden. Eerst moeten passende maatregelen worden genomen, zoals ventileren of het toepassen van geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen.

Omdat de atmosfeer in de schacht op elk moment kan veranderen, is na het vrijmeten continue bewaking noodzakelijk.

Het gasdetectieapparaat kan direct worden gedragen door de persoon die in de schacht werkt, of buiten de schacht worden gebruikt door de voorgeschreven veiligheidspost met behulp van een drijfsonde. Deze laatste methode beschermt het meetapparaat bovendien tegen vervuiling.

Het vrijmeten mag uitsluitend worden uitgevoerd door aantoonbaar deskundige personen. In Nederland moet hierbij worden gewerkt volgens de geldende Arbowetgeving en relevante normen voor het veilig gebruik van gasdetectieapparatuur, zoals NEN-EN-IEC 60079-29-2 voor brandbare gassen en zuurstof en NEN-EN 45544-4 voor toxische gassen en dampen.

De vereiste deskundigheid omvat met name:

  • het veilig omgaan met de gebruikte meetapparatuur en meetmethoden;
  • kennis van de te meten gevaarlijke stoffen en de bijbehorende grenswaarden;
  • kennis van de omstandigheden op locatie, zoals de eigenschappen van de besloten ruimte en mogelijke toevoeren of processen die de atmosfeer en daarmee het meetresultaat kunnen beïnvloeden.

Voor besloten ruimten geldt bovendien dat risico’s zoals zuurstoftekort, giftige stoffen en explosiegevaar vooraf moeten worden beoordeeld en beheerst.

Download een voorbeeld van een werkvergunning.

Ook de vrijmeting moet worden vastgelegd.
Wat zijn de belangrijkste aandachtspunten bij het vrijmeten? Welke gegevens moeten worden gecontroleerd? Met ons voorbeeld van het vrijgaveprotocol voor werkzaamheden in besloten ruimten, schachten en tanks kunt u deze taak aanzienlijk eenvoudiger maken.

Protocol voor vrijmetingen

We hebben een speciaal protocol voor vrijmetingen opgesteld. Dit bevat nuttige informatie over de alarmgrenswaarden van gasdetectoren voor verschillende gassen en een praktische tabel die tijdens het uitvoeren van de metingen kan worden ingevuld. Download het protocol door het onderstaande formulier in te vullen.

Onze technologieën voor dit onderwerp in één overzicht

282100

Optie Pomp

282103_HMG3_OLLI_Dual_IR_Sensor

Optie dual IR-sensor

282106_HMG3_OLLI_Ox_Sensor-v2

Optie zuurstofmeting OLLI

282107_HMG3_OLLI_CO_Sensor

Optie Koolmonoxidesensor

282114_HMG3_OLLI_ÜberwachungArbeitsraum

Werkplekbewaking OLLI

282110_Option_Alligatorclip

Alligator Clip OLLI

232082_Schwimmersonde_V2

Dobbersonde V2

232081 Verlängerung_Schwimmersonde_GOLIATH_200x200

Verbindingsslang dobbersonde

331023 PruefeinrichtungPED5Komponenten_Gas_200x200

Regelventiel kalibratiegas Ecomini 30 l/h

Aanbevolen Producten

Aanvullende informatie

Blog Tips

NEN 1610
Afvalwater

Uitvoeren van een dichtheidsbeproeving met de niveaumetingstechniek volgens NEN-EN 1610

Leidingen in het afvalwaterbeheer moeten in Nederland vóór de inbedrijfstelling een acceptatietest ondergaan. Dit is om te verifiëren dat de constructiewerkzaamheden correct zijn uitgevoerd en dat het leidingsysteem lekvrij is. Er zijn verschillende methoden beschikbaar voor dit doel, afhankelijk van de structuur van het leidingsysteem. Dit artikel gaat over dichtheidsbeproevingen

Verder lezen >>
Live-Messung während einer Druckprüfung mit dem smart memo
Afvalwater

Live-meting tijdens een druktest met de smart memo

De smart memo is een veelzijdig apparaat voor het uitvoeren van druktesten. We bieden eenvoudige, menu-geleide testtestprocedures voor verschillende testprocedures in de gas-, water- en afvalwatersectoren volgens de geldende voorschriften. Alle testtestprocedures in het apparaat zijn geprogrammeerd volgens de huidige versie van de relevante voorschriften en ondersteunen de gebruiker bij het correct

Verder lezen >>
Dichtheidsbeproeving van de buitenriolering volgens de NEN-EN 1610
Afvalwater

NEN-EN 1610 Dichtheidsbeproeving van Buitenriolering

In Nederland is meer dan 95% van de bevolking aangesloten op het afvalwatersysteem, waardoor het land een uitgebreid netwerk voor afvalwaterbeheer heeft. Dit systeem vormt een essentieel onderdeel van de kritieke infrastructuur, naast de drinkwaterleidingen en energievoorzieningsleidingen (zoals gas- en stadsverwarmingsleidingen). Naast het gebruik van duurzame constructies en materialen is

Verder lezen >>

Adviesgsprek

Als u meer wilt weten over Esders en onze meetoplossingen op het gebied van milieu- en persoonsbescherming, adviseren wij u graag.

Live demonstratie

Op locatie of tijdens een online afspraak: vraag gerust een live demonstratie bij ons aan.

Goed om te weten! Onze veelgestelde vragen over afvalwatersystemen

Veelgestelde vragen over druk- en dichtheidsbeproevingen van afvalwatersystemen

Wanneer is een dichtheidsbeproeving van afvalwaterleidingen vereist?

Dichtheidsbeproevingen worden onder andere uitgevoerd bij nieuwbouw, renovaties en volgens de eisen van de opdrachtgever of de geldende normen en richtlijnen.

Voor nieuw aangelegde afvalwaterleidingen en schachten vormt NEN-EN 1610 de belangrijkste norm voor druk- en dichtheidsbeproevingen.

De niveaumeetmethode wordt met name toegepast bij dichtheidsbeproevingen van schachten met water en maakt een nauwkeurige registratie van veranderingen in het waterniveau mogelijk

Voordat een schacht wordt betreden, moet worden gecontroleerd of er sprake is van zuurstoftekort of gevaarlijke gassen. Vrijmeten beschermt medewerkers en maakt deel uit van een veilig werkproces. Hiervoor kan onze OLLI (EX/OX/TOX) worden ingezet.

Tot de meest voorkomende gassen behoren waterstofsulfide (H₂S), methaan (CH₄) en koolmonoxide (CO). Daarnaast kan er sprake zijn van een te laag zuurstofgehalte.

keyboard_arrow_up