Impact van de EU-methaanverordening op werkzaamheden aan gasleidingen

Met de inwerkingtreding van de EU-methaanverordening wordt meer nadruk gelegd op de systematische vermindering van methaanemissies in het gasnetwerk. Methaan wordt beschouwd als een bijzonder schadelijk broeikasgas. Daarom moeten emissies binnen de gehele gasinfrastructuur, van productie tot distributie, in de toekomst strenger worden gecontroleerd en verminderd.

Werkzaamheden aan gasleidingen maken al tientallen jaren deel uit van de dagelijkse praktijk van netbeheerders. Op het gebied van arbeidsveiligheid bestaan hiervoor vaste processen, voorschriften en procedures voor de reparatie en het onderhoud van leidingen. De EU-methaanverordening introduceert nu echter aanvullende eisen, met name met betrekking tot kwantificering, emissiemonitoring en het voorkomen en verminderen van emissies tijdens onderhoudswerkzaamheden.

Deze nieuwe eisen hebben directe gevolgen voor de bestaande processen binnen het gasnetwerk, vooral met betrekking tot lekdetectie, classificatie, reparatie en de buitengebruikstelling van leidingsecties.

Praktische toepassing: Werkzaamheden aan gasleidingen in overeenstemming met de Methaanverordening

Lekdetectie en beoordeling als onderdeel van LDAR-maatregelen

Netbeheerders van pijpleidingnetwerken moeten regelmatig leidinginspecties uitvoeren om te voldoen aan de Nederlandse richtlijnen en praktijkrichtlijnen voor gasinstallaties en gasleidingen, zoals NEN 1078, NEN 8078, NEN-EN 15001 en NPR 3378.

Hiervoor worden gangbare inspectie- en meetmethoden toegepast, zoals gasleidinginspecties met e-scooters, GasCar-systemen of vergelijkbare technieken. Deze methoden worden steeds belangrijker in het kader van de Methaanverordening, omdat zij een efficiënte en uitgebreide registratie van emissies mogelijk maken.

Validatie van lekdetectie

Wanneer tijdens deze inspectie een lek wordt vastgesteld en een gasuittreding wordt gemeten, worden verdere maatregelen genomen volgens de geldende Nederlandse normen en procedures voor gasleidingen en gasveiligheid.

  • Lokaliseren van het lek, bijvoorbeeld via grondluchtmetingen met behulp van de Laser HUNTER
    • Classificatie van het lek
    • Vaststellen van passende maatregelen
    • Uitgebreide documentatie

Afhankelijk van de classificatie wordt vervolgens gekozen voor renovatie of vervanging van het leidingdeel, of voor een gerichte plaatselijke reparatie. Ernstige lekkages moeten direct worden verholpen, terwijl minder kritieke lekkages binnen een vastgestelde termijn moeten worden gerepareerd volgens de geldende veiligheids- en beheerprocedures.

Vanaf 2024 gelden daarnaast aanvullende eisen vanuit de EU-Methaanverordening. Wanneer een lek de vastgestelde grenswaarden voor methaanemissie overschrijdt en herstel niet binnen enkele dagen kan plaatsvinden, moeten aanvullende maatregelen worden genomen om methaanemissies te beperken. Daarnaast moeten emissies worden geregistreerd en moeten eventuele vertragingen bij reparaties transparant worden verantwoord.

Uitvoering van een eenmalige reparatie van een lekkage

Bij het uitvoeren van een eenmalige reparatie moeten de geldende Nederlandse en Europese veiligheidsrichtlijnen voor werkzaamheden aan gasleidingen in acht worden genomen. Werkzaamheden aan gasleidingen die in bedrijf zijn, vereisen een hoog niveau van technische en organisatorische veiligheid.

De eerste stap bestaat uit het tijdelijk afsluiten van het betreffende leidingdeel, bijvoorbeeld met behulp van opblaasbare afsluiters. Het doel van de reparatiewerkzaamheden is om zoveel mogelijk in een gasvrije omgeving te werken. Hiervoor is het noodzakelijk om de aanwezigheid van restgas continu te controleren en het gas veilig af te voeren.

Tegelijkertijd vereist de EU-Methaanverordening dat methaanemissies zoveel mogelijk worden beperkt. Daarom moeten vóór aanvang van de werkzaamheden de volgende maatregelen worden overwogen:

  • Verlaging van de bedrijfsdruk
  • Omleiding van gas naar andere leidingsecties
  • Inzet van mobiele compressoren

Nadat het leidingdeel is afgesloten, kan het buiten bedrijf worden gesteld met behulp van een mobiele gasfakkel. Hierbij wordt het resterende gas gecontroleerd afgevoerd en verbrand, waardoor methaan wordt omgezet in CO₂, dat aanzienlijk minder schadelijk is voor het klimaat. Pas daarna wordt de daadwerkelijke reparatie van het lek uitgevoerd.

Inzet van de Mobiele Fakkelinstallatie M bij een wegafsluiting

In de praktijk wordt het af te sluiten leidingdeel vaak gerealiseerd met apparatuur voor het plaatsen van opblaasbare leidingafsluiters. Bij het gebruik van een systeem met dubbele leidingafsluiters moeten de afsluitballonnen worden geplaatst aan de zijde die van het lek is afgekeerd. Hierdoor kan het afgesloten leidingdeel direct via de aansluiting van het afsluitsysteem buiten bedrijf worden gesteld (zie figuur 1). Hierop kan met behulp van een geschikte adapter en de benodigde toebehoren een Mobiele Fakkelinstallatie M worden aangesloten.

EU-Methaanverordening

In de praktijk wordt het af te sluiten leidingdeel vaak gerealiseerd met apparatuur voor het plaatsen van opblaasbare leidingafsluiters. Bij het gebruik van een systeem met dubbele leidingafsluiters moeten de afsluitballonnen worden geplaatst aan de zijde die van het lek is afgekeerd. Hierdoor kan het afgesloten leidingdeel direct via de aansluiting van het afsluitsysteem buiten bedrijf worden gesteld (zie figuur 1). Hierop kan met behulp van een geschikte adapter en de benodigde toebehoren een Mobiele Fakkelinstallatie M worden aangesloten.

Voor het drukloos maken van het afgesloten leidingdeel is het voldoende om de gasfakkel met de benodigde accessoires aan te sluiten. De bedrijfsdruk in de leiding kan vervolgens gecontroleerd worden afgelaten door het gas via de gasfakkel gecontroleerd af te fakkelen. Om echter een volledig gasvrije situatie te bereiken, is niet alleen drukontlasting noodzakelijk, maar ook een aansluitend spoelproces.

Hiervoor wordt de gasleiding gespoeld met een inert gas of lucht. Aan de tegenoverliggende zijde van het afgesloten leidingdeel is hiervoor een extra toegangspunt nodig, waarmee het resterende gas, bijvoorbeeld met behulp van een compressor, richting de gasfakkel wordt geleid en daar veilig wordt verbrand.

De gasvrije toestand kan worden gecontroleerd door het meten van de gasconcentratie met een geschikt meetinstrument, bijvoorbeeld de OLLI. De leiding wordt als gasvrij beschouwd wanneer de aardgasconcentratie gedurende de werkzaamheden ruim onder 50% van de onderste explosiegrens blijft.

Tegelijkertijd maakt de volumemeting in de OLLI het mogelijk om de hoeveelheid afgefakkeld gas nauwkeurig te meten en te documenteren. Hiermee kunnen leidingbeheerders voldoen aan hun rapportageverplichtingen binnen de EU-Methaanverordening.

Efficiënte methaanreductie met mobiele gasfakkels

Mobiele fakkelinstallatie zijn een effectieve en veilige oplossing voor het creëren van een gasvrije werkomgeving bij werkzaamheden aan gasleidingen die in bedrijf zijn. Tegelijkertijd leveren zij een belangrijke bijdrage aan het verminderen van methaanemissies in het kader van onderhoud aan gasnetwerken.

In overeenstemming met de EU-Methaanverordening en de in Nederland geldende normen en richtlijnen voor veilig werken aan gasinstallaties, behalen de gasfakkels van Esders B.V. de vereiste vernietigings- en scheidingsefficiëntie van minimaal 99%. Daarmee helpen zij netbeheerders om zowel aan veiligheidsvoorschriften als aan klimaatdoelstellingen betrouwbaar te voldoen.